Wat is diabetes T2?

Diabetes type 2 is een aandoening waarbij er te veel glucose (suiker) in het bloed blijft. Om te begrijpen hoe dit ontstaat, is het handig om eerst te weten wat er normaal in je lichaam gebeurt.

Wat gebeurt er normaal?

Wanneer je eet, worden koolhydraten uit bijvoorbeeld brood, pasta, rijst, aardappelen, fruit en andere voedingsmiddelen voor een deel afgebroken tot glucose. Glucose komt vervolgens in je bloed terecht en wordt gebruikt als energiebron voor je lichaam.

Wanneer de hoeveelheid glucose in je bloed stijgt, maakt de alvleesklier het hormoon insuline aan.

Je kunt insuline zien als een soort sleutel. Het helpt glucose vanuit het bloed de lichaamscellen binnen te gaan, waar het kan worden gebruikt als energie. Hierdoor daalt de hoeveelheid glucose in het bloed weer.

Wat verandert er bij diabetes type 2?

Bij diabetes type 2 reageren de lichaamscellen steeds minder goed op insuline. Dit noemen we insulineresistentie.

De sleutel is er dus nog, maar het slot reageert er minder goed op.

In het begin probeert het lichaam dit op te lossen door extra insuline aan te maken. De alvleesklier moet daardoor steeds harder werken om de bloedsuiker onder controle te houden.

Dit kan lange tijd goed gaan. Je kunt daarom al insulineresistentie hebben zonder dat je daar iets van merkt.

Na verloop van tijd kan de alvleesklier de toenemende behoefte aan insuline niet altijd meer bijhouden. Er wordt relatief te weinig insuline aangemaakt en er blijft steeds meer glucose in het bloed achter.

Wanneer de bloedsuikerwaarden langdurig boven bepaalde grenzen komen, spreken we van diabetes type 2.